Elk kaarsje brandt voor een overleden kind uit de groep.De grote kaars brandt voor alle andere ouders met hun overleden kinderen.Al ruim veertig jaar brengt de vereniging Ouders Overleden Kind (OOK) ouders samen die het ingrijpende verlies van een kind meemaken. Dit lotgenotencontact biedt herkenning, troost en perspectief in een periode waarin woorden vaak tekortschieten. De inzet van betrokken vrijwilligers is hierin onmisbaar. Zij maken het mogelijk dat ouders kunnen blijven verbinden.
De vereniging wordt gedragen door ouders die zelf een kind hebben verloren. Uit hun eigen ervaring groeit de wens om iets te betekenen voor anderen. Zo ook Carla Greeven, die na het verlies van haar zoon de kracht vond om anderen te steunen in hun verdriet.
De kracht van herkenning
Zestien jaar geleden kwam ze in aanraking met de vereniging Ouders Overleden Kind. Na het plotselinge verlies van haar zoon voelde ze zich alleen in haar verdriet.
De wereld ging door, maar voor haar stond alles stil. Tot ze tijdens een landelijke dag van de vereniging mensen ontmoette die echt begrepen wat ze doormaakte. Dat moment bracht een ommekeer.
Na enkele jaren voelde ze de behoefte om anderen te helpen, zoals zij destijds geholpen was. Niet omdat het verdriet verdwenen was, maar omdat ze er kracht uit putte om haar ervaring in te zetten voor anderen. Zo kreeg haar verlies een betekenis die verder reikte dan het gemis alleen.
Een handreiking in moeilijke tijden
Carla begeleidt inmiddels gespreksgroepen en voert één-op-één gesprekken met ouders die nog midden in hun verlies staan. Alle emoties krijgen daar ruimte; alles mag er zijn, precies zoals het voelt. Naast de gespreksgroepen en bijeenkomsten worden er zo ook wandelingen georganiseerd waar iedereen welkom is, niet alleen ouders maar ook familieleden en vrienden. Tijdens deze wandelingen ontstaan waardevolle ontmoetingen. Mensen delen hun verhaal, luisteren naar elkaar en vinden herkenning in kleine momenten onderweg. Het samen wandelen en praten brengt begrip en contact.
Samen met de vereniging verzorgt Carla ook lezingen en gastlessen, onder meer voor studenten van de politieacademie. Daar deelt ze haar verhaal en vertelt ze wat ouders in de periode na het slechte nieuws werkelijk nodig hebben. Zo leren toekomstige hulpverleners hoe belangrijk luisteren, nabijheid en menselijkheid zijn in die eerste, allesbepalende momenten.
Ook is er een speciale afdeling voor verbonden broers en zussen, gericht op de andere kinderen in het gezin die hun broer of zus moeten missen.
Carla zet zich daarnaast ook in voor Humanitas, afdeling Heuvelrug, waar ze mensen ondersteunt die te maken hebben met verlies en rouw.
Haar eigen verlies blijft de basis van haar betrokkenheid. Carla vertelt: “Mijn leven is niet meer zoals het was. Maar door dit vrijwilligerswerk krijgt wat er is gebeurd betekenis.
Ik doe het met hem en voor hem. Dat geeft mij kracht.”