Als Annelies in 2021 onverwacht haar broer verliest, staat haar wereld op z’n kop. In het rouwproces dat daarop volgt, voelt ze zich soms de ‘vergeten rouwende’ - zoals ze dat zelf zo mooi beschrijft. Ze richt rouwplek.nl op om anderen, die zelf ook een broer of zus zijn verloren, te steunen.
Het is 25 maart als ze, op haar werk, een paniekerig telefoontje ontvangt van haar schoonzus. Martin heeft een hartinfarct gehad en wordt na een lange reanimatie naar het ziekenhuis gebracht. Ze belt haar man en springt in de auto. “Hij was toevallig in de buurt van mijn vader, dus zij zijn samen gereden”, vertelt Annelies. “Tijdens die autorit gingen mijn gedachten alle kanten op. Ik werd heen en weer geslingerd tussen hoop en vrees. Je hebt geen idee wat je gaat aantreffen of wat je kunt verwachten. Je moet rustig blijven, want je moet op het verkeer letten en tegelijkertijd probeer je zo hard mogelijk te rijden.” In haar eentje in de auto vraagt ze zich af wat haar schoonzus nou precies zei aan de telefoon. Ze herinnert zich dat ze vertelde dat hij gedotterd gaat worden. “Dat betekent dat hij leeft en dat er een operatie komt. Er is dus nog een kans en daarna zien we wel weer verder”, die gedachte geeft haar iets meer vertrouwen.
Eenmaal in het ziekenhuis verwacht ze iets te horen over de naderende operatie, of dat de operatie misschien zelfs al klaar is en er wordt toegelicht hoe het er op dat moment uitziet. In plaats daarvan krijgt de familie te horen dat Martin op de operatietafel een hartstilstand heeft gehad en dat de reanimatie die daarop volgde, is mislukt. Hij is overleden... “Het leek wel alsof we in een film waren beland. Dat er dan zo’n arts de gang op loopt en de mensen het nieuws brengt, en zij dan helemaal instorten. Maar dit was niet in een film, dit was echt: mijn broer is dood.” Ineens is het te laat voor haar om nog iets te kunnen zeggen. Terwijl ze zo graag had willen zeggen dat ‘ie moest knokken. “Ik had willen zeggen: Het maakt me echt niet uit hoe je hier uitkomt – of je nou een jaar moet revalideren of een heel ander mens bent dan daarvoor – maar alsjeblieft, blijf!”
Het voelt voor haar zo oneerlijk. Door zijn overlijden wordt haar schoonzus al op jonge leeftijd weduwe en hij laat twee dochters van zeven en dertien jaar achter. Annelies krijgt hun “Nee, pàpa, NEE!” nog lang niet uit haar hoofd. Het verlies hakt erin. “In het begin heb ik me er tegen verzet. Je wilt niet dat je broer er niet meer is, terwijl dat wel de realiteit is. Je leven is ineens compleet anders, en daar heb je maar mee te dealen”, vertelt Annelies. “Ik was van plan om dit grote
verlies stukje voor stukje te laten binnen komen en te verwerken, maar dat mislukte. Het verdriet kwam op onverwachte en ook op ongewenste momenten keihard binnen. Ik kon niets doen om het te stoppen en dat frustreerde me enorm.
” Ze verlangt ernaar om weer zichzelf te zijn en zoekt hulp. “Ik was op zoek naar iemand die er neutraal naar kon kijken. Want vrienden, familie en collega’s zullen je op een bepaalde manier sparen. Ze hebben mededogen of medelijden en dat was niet wat ik nodig had. Ik wilde heel graag van die eerste paniek af, ik wilde graag horen dat het uit eindelijk allemaal weer beter zou gaan. En vooral hoe ik daar zou komen.
” Ze vindt hulp bij een rouwcoach die is gevestigd aan de IJsselkade in Zutphen. Dat is de stad waar Annelies en haar broer opgroeiden en waar ze warme herinneringen koestert aan bijvoorbeeld de vaartochtjes die ze samen maakten in hun rubberbootje. De rouwcoach adviseert haar om haar gedachten op papier te zetten en alles van zich af te schrijven.
Dat brengt Annelies op het idee om een website te beginnen, waarop ze ervaringsverhalen verzamelt. Op die manier kunnen andere mensen die een broer of zus zijn verloren, steun en herkenning vinden. Al is het maar één iemand die ze er mee kan helpen, dan is ze al blij. “Het viel me na het overlijden van mijn broer op dat mensen aan me vroegen: ‘Hoe is het met je schoonzus?’, ‘Hoe is het met je nichtjes?’ en ‘Hoe is het met je vader?’ - want ja, er is natuurlijk niets zo ingrijpend als het verlies van een kind, zo werd er dan gezegd. En dan op de een of andere manier mij en mijn verdriet vergaten.” Ze benoemt dat iemand haar op een later moment terugbelt en zich verontschuldigt, omdat hij zich gelukkig later realiseert dat hij naar iedereen om haar heen had gevraagd, maar Annelies zelf had overgeslagen. “Het verlies van een broer of zus is zo ingrijpend, het is alsof je een stukje van jezelf verliest.”
In de loop van de tijd spreekt en ontmoet Annelies steeds meer mensen. In het begin vragen mensen om haar heen zich af: “Waarom begin je nu al met die interviews? Krijg je zo niet een hele bak aan emoties over je heen?” Dat was ook zo. Maar Annelies merkte daardoor dat ze juist veel beter kan relativeren. “Ik zag dat het bij anderen misschien wel nog erger was geweest dan dat het bij mij was. Ik sprak mensen die compleet de weg kwijt waren geraakt. En nu tóch voor me zaten. Ik zag hoe krachtig ze zijn en weerbaar. Gaandeweg merkte ik dat ik dat zelf ook had.
” Annelies wil nog meer doen voor rouwende broers en zussen en besluit mensen bij elkaar te brengen door een avond te organiseren voor lotgenoten, om tijdens het eten ervaringen en verhalen te delen. “Die eerste keer vond ik het natuurlijk best spannend, maar het was zo’n bijzondere ontmoeting! Mensen raakten al zodra ze binnen waren met elkaar in gesprek en tijdens het eten kwamen de verhalen op tafel. Er waren allemaal verschillende mensen: jong en oud, de een had nog wel een andere broer of zus, de ander niet en er waren verschillende achtergronden, zienswijzen en geloofsovertuigingen. En ondanks al die verschillen was er zoveel herkenning, steun en begrip, en dat was werkelijk prachtig. Er waren zelfs mensen die voor het eerst hun hele verhaal deelden, omdat het daarvoor te heftig was geweest of te moeilijk om met de directe omgeving te delen. Natuurlijk komen er heel veel emoties bij en dat was ook heel pittig en rauw. Maar het was vooral zo mooi, het heeft me echt geraakt. Vooral omdat totaal vreemden, want het zijn mensen die elkaar nog nooit eerder hebben gezien, zich zo veilig voelden om hun verhaal te delen. Misschien komt dat juist wel omdat je precies weet van elkaar waar je doorheen bent gegaan.”
Vooral in het eerste jaar na Martins overlijden, merkt Annelies dat ze eerder een stuk scherper was en overal bovenop zat en dat dat nu even niet is. Dat geeft ook niet. “Ik probeerde me zo goed en zo kwaad als het kon, staande te houden, maar ik had de energie en het bewustzijn er niet voor. Normaal gesproken zijn er dingen die energie kosten en dingen die energie opleveren, maar in die tijd voelde het alsof alles alleen maar heel veel energie kostte.
” Ze vertelt dat ze gewoonlijk veel zingt in de auto, maar dat het haar na het overlijden van Martin niet meer lukte. Alsof ze er letterlijk niet genoeg lucht voor had. “De eerste keer dat dat wel ging, was dan ook heel raar. Net als de eerste keer dat je weer voluit ergens om moet lachen dat ook is. Je bent je er heel erg bewust van en schrikt zelfs een beetje. Je moet jezelf bijna toestemming geven om dat wel te mogen: weer te lachen, terwijl je broer dood is.
” Langzaam maar zeker krabbelt Annelies weer op. “Ik geloof niet in rouwverwerking of in ‘het een plekje geven’. Want waar doe je dat dan?!” Ze heeft veel gelezen over het rouwproces, waaronder dat het geen stijgende lijn is. De ene keer is er boosheid en dan toch weer verdriet. Maar ze weet, mede dankzij de rouwcoach, dat er daarna acceptatie komt. En dat je het gaat meedragen in je leven. “Sommigen noemen het ‘verweven’, dat vind ik wel een hele mooie. Dan wordt het uiteindelijk ook allemaal wat lichter.” Natuurlijk is het verdriet er nog. Maar ze neemt het met zich mee in plaats van dat ze erdoor wordt overspoeld. Als er iets wordt gezegd waardoor ze aan Martin wordt herinnerd, dan benoemt ze hem. “Ik negeer dat nooit en neem hem zo altijd mee in verhalen. Omdat mijn broer bij mij hoorde en dat zal hij altijd blijven doen, ook nu hij er niet meer is. En als je aan me vraagt hoe het nu met me gaat, dan zeg ik: Ja, nu gaat het goed. Ik ben een ander mens dan toen. Maar het gaat goed. En ik weet dat het nog beter zal gaan. Het heeft gewoon tijd nodig.”
Ik geloof dat het helpt om je verhaal te delen, voel je welkom om dat te doen bij een bijeenkomst van rouwopjebord.nl